De dollar zal zijn status als reservevaluta voorlopig nog niet kwijtraken, verwacht econoom Ivo Arnold. Maar dat komt vooral door gebrek aan beter. Welke alternatieven zijn er?
De roep om een alternatief voor de dollar als ’s werelds belangrijkste reservevaluta klinkt al jaren. Maar na de afwaardering van de kredietwaardigheid van de Verenigde Staten door kredietbeoordelaar Standard & Poor’s laait de discussie weer op.
Vooral China roert zich. De Aziatische grootmacht hekelt de in zijn ogen buitenproportionele voordelen die de status van de dollar als reservevaluta de VS oplevert. De Amerikanen kunnen lenen tegen een lage rente en door de aanhoudende vraag naar dollars eenvoudig hun tekorten financieren. Daarnaast geniet de VS een enorme machtspositie, doordat andere landen sterk van de dollar afhankelijk zijn. Dit geldt vooral voor China, dat de grootste valutareserves ter wereld bezit, waarvan het leeuwendeel bestaat uit dollars.
Gigantische dollarreserves
Ivo Arnold, hoogleraar economie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en Nyenrode Business Universiteit, kan zich de frustratie van China goed voorstellen. Maar hij wijst er wel op, dat het land mede debet is aan de ontstane situatie: ‘China heeft bewust gigantische dollarreserves opgebouwd om de Chinese munt laag te kunnen houden ten opzichte van de dollar en zo zijn exportpositie te beschermen. De Chinese overheid had er ook voor kunnen kiezen om de eigen munt op te waarderen en meer variatie aan te brengen in de reservevoorraden.’
Dat de geluiden aanzwellen om een andere munt of een mandje van verschillende valuta’s naar voren te schuiven, vindt Arnold begrijpelijk. Maar een oplossing laat voorlopig op zich wachten, zo voorspelt hij, om de eenvoudige reden dat er geen logisch alternatief is.
Existentiële crisis
De euro werd de afgelopen tien jaar vaak genoemd als opvolger van de dollar. Dat is volgens Arnold nu echter niet aan de orde: ‘Die munt verkeert momenteel zelf in een existentiële crisis, vanwege de schuldenproblematiek.’ Twee andere Europese munten – de Zwitserse frank en het Britse pond – zijn volgens hem te klein.
Veel economen noemen de Chinese yuan als mogelijke kandidaat voor de wereldreservemunt. Maar Arnold plaatst vraagtekens bij de haalbaarheid en wenselijkheid hiervan: ‘China is geen democratie en er geldt geen volledige vrijheid van meningsuiting. Dat brengt risico’s van politieke onrust met zich mee. Een land dat een dominante reservevaluta levert, kan zich dat eigenlijk niet permitteren.’
Daarnaast valt volgens hem nog te bezien of China de VS voorbij zal streven als economische grootmacht: ‘Het is geen gelopen race. We moeten de dynamiek van de Amerikaanse economie nooit onderschatten. Bovendien moet China nog de ontwikkeling doormaken naar een democratische samenleving, met alle onzekerheden van dien. Die overgang kan goed verlopen, maar dat hoeft niet.’
Bureaucratische munt
Een ander mogelijk alternatief vormen de speciale trekkingsrechten (special drawing rights; ook wel SDR’s) van het IMF, die worden gedekt door internationale valuta’s. ‘In bepaalde marktsegmenten kunnen deze wel een functie vervullen’, stelt Arnold. ‘Centrale banken in Azië kunnen SDR’s als reservevaluta aanhouden en er zo voor zorgen dat ze minder dollarreserves opbouwen. Maar een volwaardige vervanger van de dollar zullen SDR’s nooit worden. Het is namelijk geen munt die in het gewone geldverkeer wordt gebruikt, terwijl een reservemunt wel liquide moet zijn.’
Een ander nadeel is dat achter de SDR’s niet één centrale bank staat, die snel en flexibel kan handelen: ‘Over alle allocaties moet eerst overeenstemming worden bereikt in het bestuur van het IMF. Dat maakt de SDR tot een erg bureaucratische munt.’
Er wordt wel eens voor gepleit de SDR’s uit te breiden met de Chinese yuan. Maar dat is volgens Arnold nog geen haalbare kaart, omdat de Chinese munt nu niet voldoet aan de IMF-criteria om als free usable currency te kunnen worden aangemerkt. ‘China is een strak, centraal geleid land. De controle van de Chinese overheid op het valutaverkeer is heel groot, terwijl de financiële markten waarde hechten aan enige mate van vrijheid.’
Kortom: er is nog geen alternatief voor de dollar. En daarom verwacht Arnold dat de dollar voorlopig de belangrijkste reservevaluta blijft. Wel hoopt hij dat SDR’s in het internationaal monetair stelsel een grotere rol krijgen: ‘Hierdoor kunnen de excessieve wereldwijde dollarreserves toch enigszins worden teruggedrongen en kan de VS worden afgeholpen van zijn schuldverslaving. Dat lijkt mij wel gezond.’
Reservemunt en SDR
Een reservemunt is een valuta die door overheden in grote hoeveelheden achter de hand wordt gehouden als onderdeel van de internationale reserves van een land. Door een reservemunt te hanteren kunnen landen onder andere goedkoper handel drijven.
Special drawing rights (SDR’s) zijn tegoeden die landen bij het IMF aanhouden. Deze worden gebruikt bij onderlinge betalingen tussen centrale banken.