Robeco biedt sinds kort de Premie Pensioen Instelling (PPI) aan, een nieuwe speler op de pensioenmarkt. Maar wat is het nu precies en wat zijn de voordelen? Jacqueline Lommen, directeur Europese Pensioenen, geeft uitleg.
De pensioenmarkt wordt van oudsher gedomineerd door verzekeraars en pensioenfondsen. Zij krijgen sinds kort gezelschap van een nieuw type aanbieder: de Premie Pensioen Instelling (PPI). Robeco is een van de eerste partijen die zich op deze markt begeeft.
“Het grootste probleem is dat mensen denken dat het een heel nieuw product is, zoals rentesparen of een nieuw beleggingsfonds”, vertelt Lommen. “Maar dat is het niet. PPI is een pensioeninstelling. Een instelling met een bestuur, toezichthouders, een balans. Het is een nieuw uitvoeringsmodel in de Nederlandse pensioenmarkt.”
Een PPI voert pensioenregelingen uit en bouwt pensioenvermogen op. Maar anders dan andere pensioenaanbieders draagt zij niet zelf het risico, zoals overlijden en arbeidsongeschiktheid. De pensioenuitkering en alle risicodekkingen worden uitbesteed aan een verzekeraar. Dit is ook het geval bij de Robeco PPI. Daar dekt Generali de verzekeringsrisico’s af. Dit bedrijf is een internationale specialist op het gebied van pensioen- en inkomensverzekeringen. De internationale pensioendeelnemersadministratie en -communicatie wordt uitgevoerd door het Duitse Lohoff & Partner.
Voor de werkgevers, de sociale partners is de PPI het meest interessant. “Ze kunnen nu (naast pensioenfondsen of verzekeraars, red.) kiezen waar ze hun geld onderbrengen. Het zijn vooral werkgevers die op dit moment kampen met de nalevingkosten van het pensioenfonds. Het is een streng gecontroleerd vehikel. Dat is ook logisch, want er komen ingewikkelde regelingen bij kijken in Nederland. Door die strenge controlering zijn de kosten heel erg hoog en zie je dat pensioenfondsen aan het liquideren zijn. Daar is de PPI een alternatief voor.”
Er zitten volgens de directeur Europese Pensioenen veel voordelen aan het model. “PPI is een niet-risico dragend vehikel, het is geen soort verzekeraar. Het is een instelling die lage eisen kent en daardoor dus flexibeler wordt. Je kan er als werkgever veel meer kanten mee op. Dat is een groot voordeel. Een ander groot voordeel: bij een PPI heb je geen paritair bestuur. Je mag dat wel doen, maar het is niet verplicht. Dat betekent dat je zowel werkgevers als werknemers in het bestuur hebt zitten, gelijk verdeeld. Bij het PPI is dat niet zo. Ook is er derde voordeel dat je geen verplichte solidariteit hebt. Ook mag je verschillende werkgevers in het PPI hebben, je mag dus buiten het domein.”
Een nadeel is dat er ook beperkingen aan het PPI zitten. “Dat betekent dat het geen risico’s mag dragen. Dan praten we met name over zogenaamde biometrische risico’s. Dan praat je over risico’s dat mensen lang leven, overlijdens- of arbeidsongeschiktheidsrisico. Dat mag de PPI allemaal niet dragen. Dat moet uitbesteed worden aan een verzekeraar. De verzekeraar heeft de risico’s op z’n balans staan.”
Over de toekomst tenslotte is Lommen positief. “De PPI speelt in op de nieuwe behoeftes in de markt. CFO’s en riskofficers kunnen samen met de sociale partners vanaf nu beter hun pensioenen regelen.”
Bekijk het interessante gesprek hier terug:
Robeco WebTV's Margret Smits interviewt Jacqueline Lommen, directeur Europese Pensioenen over PPI (Premie Pensioen Instelling).