President Obama wil 50 miljard dollar investeren in infrastructuur en de besluitvormingstrajecten voor infrastructurele projecten verbeteren. Goed nieuws voor de sector, vindt Steef Bergakker, beheerder van het
-fonds. Maar we moeten niet te vroeg juichen, zo waarschuwt hij. “In tijden van economische crisis en hoge werkloosheid neemt paradoxaal gezien de politieke bereidwilligheid om te investeren in infrastructurele projecten toe.
Grootschalige projecten hebben doorgaans een langere doorlooptijd dan de politieke cyclus van vier jaar. Politici zien wel de noodzaak van langere-termijninvesteringen, maar zijn met het oog op een eventuele herverkiezing vooral geïnteresseerd in projecten met een snelle pay-off: Projecten waarvan al binnen hun ambtstermijn de resultaten zichtbaar zijn.” In economisch moeilijke tijden komen dergelijke projecten toch in beeld, omdat ze – ook al op korte termijn – banen scheppen. “Ze zijn nu beter te verkopen”, licht Bergakker toe.
Zesjarenplan
Het jongste bewijs is het ambitieuze zesjarenplan dat president Obama vorige week ontvouwde. Het pakket voorziet in 50 miljard dollar aan investeringen in de bouw van autowegen, spoorrails en startbanen in het eerste jaar van het plan (zie kader). In totaal gaat het plan naar verwachting ongeveer 175 tot 200 miljard dollar vergen.
Obama wil hiermee de concurrentiekracht van de Amerikaanse economie bevorderen, de economische groei aanwakkeren en de werkgelegenheid stimuleren. Het initiatief borduurt voort op de eerder aangekondigde Recovery Act ter waarde van 862 miljard dollar.
Infrastructuurfonds
Behalve in de bouw van infrastructuur voorzien de plannen ook in de oprichting van een speciaal infrastructuurfonds dat privaat geld moet aantrekken voor infrastructurele projecten. Ook dat is goed nieuws, vindt Bergakker. “Het fonds kan dan ook buiten het Congres om geld ophalen, bijvoorbeeld bij bedrijven. Dat komt de slagvaardigheid ten goede. Bovendien worden projecten dan uit de politieke sfeer gehaald. Projectvoorstellen zijn hierdoor niet meer speelbal van politieke machtsspelletjes, maar worden op hun economische merites beoordeeld.”
Politieke weerstand
Voor beleggers in de infrasector klinkt dat als muziek in de oren. Maar het is nog geen gelopen race, waarschuwt Bergakker, want het Congres moet nog zijn oordeel vellen over de plannen. “Het infrastructuurfonds zet het Congres op een zijspoor. Het is de vraag of politici – zowel Democraten als Republikeinen – dat willen. Daarnaast zijn Republikeinen er fel op gebrand de overheidsuitgaven te beperken.”
Als Obama niet vóór de tussentijdse Congresverkiezingen (op 2 november) groen licht krijgt en de Republikeinen in zowel het Huis van Afgevaardigden als de Senaat een meerderheid verwerven, is de kans dat de plannen doorgaan nog kleiner.
Bergakker houdt er daarom serieus rekening mee dat het pakket niet ongeschonden zal worden geïmplementeerd. Maar hij heeft goede hoop dat in elk geval dat infrastructuurfonds er zal komen, zij het met enige vertraging. “Dat zou een belangrijke doorbraak zijn voor investeringen in infrastructuur in de VS.”
Toenemende investeringen
Zelfs zonder de Amerikaanse impuls van 50 miljard dollar verwacht Bergakker nog steeds dat de wereldwijde investeringen in infrastructuur de komende vijf tot tien jaar fors zullen stijgen. “In opkomende economieën als China en India zijn veel extra voorzieningen nodig vanwege de bevolkingsgroei, de trek van het platteland naar de steden, de sterke economische groei en de toenemende welvaart. Maar ook ontwikkelde landen zullen flink moeten investeren. Zij kampen met sterk verouderde en inefficiënte infrastructuur die vervangen moet worden; ze moeten de concurrentie aan met opkomende markten en inspelen op de groeiende behoefte aan schone technologie."
Dat veel landen noodgedwongen moeten bezuinigen, doet daar volgens hem niets aan af. “Daar komt nog bij dat een groot deel van de uitgaven aan infrastructuur door bedrijven plaatsvindt, met name door nutsbedrijven en ondernemingen in de olie- en gassector. De overheid heeft dus niet het monopolie op investeringen in infrastructuur.”
Spelregels
Om de investeringen door bedrijven van de grond te krijgen zijn duidelijke spelregels nodig en daarin heeft de overheid nog wel wat missiewerk te verrichten. “Er is nog veel onduidelijkheid over bijvoorbeeld noodzakelijke milieumaatregelen, de ontwikkeling van schone energie en de tarieven die nutsbedrijven mogen rekenen voor het gebruik van gas, licht en water. Daar ligt een belangrijke taak van de overheid,” aldus Bergakker.
Obama's plannen
- 240.000 kilometer autowegen vernieuwen
- 6.400 kilometer spoorwegen bouwen en onderhouden
- 240 kilometer startbanen aanleggen
- een nieuw luchtverkeersgeleidingssysteem aanleggen
Bovendien stuurt hij aan op een speciaal infrastructuurfonds dat voor financiering van projecten geld ophaalt bij private en publieke investeerders.
Heeft u een vraag voor Steef Bergakker, beheerder van het Robeco Infrastructure Equities-fonds dan kunt u deze hieronder stellen.