Overal klinken waarschuwingen voor een oververhitting van de obligatiemarkten. Maar over de argumenten voor deze bondbubble kan worden gediscussieerd, zo vinden professionele beleggers.
Bondbubble blijkt in de afgelopen weken wereldwijd een van de meest opgezochte termen in zoekmachine Google. Ook is het een veelbeschreven onderwerp in de financiële bladen. Onder anderen de Amerikaanse beleggingsprofessor Jeremy Siegel waarschuwde beleggers nadrukkelijk voor de overspannen obligatiemarkt. Hij vergeleek in zakenkrant Wall Street Journal de situatie met het knappen van de IT-bubbel aan het begin van de eeuw. “Toen waren beleggers te enthousiast, nu zijn ze veel te pessimistisch.”
Volgens Siegel betalen beleggers daardoor veel te hoge koersen voor het staatspapier. Koersen die op termijn niet langer houdbaar zijn. Na het knappen van de bondbubble blijven beleggers achter met schuldpapier met een laag effectief rendement, waarvoor ze de hoofdprijs hebben betaald, zo vreest Siegel. Het verhaal van Siegel en anderen die het knappen van de bubble voorspellen, is in de afgelopen weken echter door een aantal vooraanstaande strategen genuanceerd. Hun visie: of er sprake is van overwaardering op de obligatiemarkten, hangt sterk af van de visie van de belegger op de toekomst van de economie.
Kansen gemist
Dat de markt enorm gestegen is, is moeilijk te ontkennen. Beleggers die niet hadden belegd in obligaties, zijn veel rendement misgelopen. Onder anderen megabelegger en hedgefund-manager Stanley Druckenmiller is zich daarvan bewust. Druckenmiller (57) ging onlangs met pensioen door zijn investeringsmaatschappij op te heffen. Een van de redenen was, zo vertelde hij aan Bloomberg Magazine, dat hij er niet meer in slaagde vergelijkbare rendementen als in de afgelopen dertig jaar te realiseren. “Het voelt alsof ik in 2008 en 2009 een hoop kansen heb gemist, evenals de enorme beweging in de obligatiemarkten in dit jaar”, aldus de belegger.
Het is de vraag of beleggers die wel in de obligatiemarkten stapten en profiteerden, dit weloverwogen deden of zonder enig plan – zoals Siegel suggereert. Strateeg David Rosenberg van de Canadese asset manager Gluskin Sheff betoogt in een reactie op het stuk van Siegel dat retailbeleggers slechts van scherpzinnigheid zijn te beschuldigen. Hij wijst op de door Siegel aangehaalde mega-instroom van 559 miljard dollar naar de obligatiemarkt in de periode tussen januari 2008 en juni 2010. Meer dan het dubbele van het geld dat in aandelenfondsen werd belegd. “So what”, schrijft Rosenberg. “Geef beleggers eens ongelijk. In die periode lieten aandelen een verlies van zien van 21 procent, waar staatsobligaties een rendement van 13 procent opleverden.”
Verschillende scenario’s
Vervolgens is het de vraag of de huidige niveaus van de obligatiekoersen haalbaar blijven. Volgens veel strategen is het een kwestie van perceptie. Zo benadrukt ook James Montier, strateeg bij asset manager GMO, op zijn persoonlijke blog . Volgens hem gaat het namelijk niet om het opsporen van een bondbubble, maar om de vraag of voor obligatiebeleggers de obligatiemarkt een op lange termijn aantrekkelijke belegging vormt. De beantwoording, zo geeft Montier aan, hangt samen met de toekomstverwachtingen van de belegger. De strateeg schetst op basis daarvan een aantal scenario’s. Zo rekent hij voor, dat in de prijs van Amerikaanse staatsobligaties (een effectief rendement van gemiddeld 2,5 procent) rekening is gehouden met een verwachting van 70 procent kans op een economisch scenario zoals we dat kennen van Japan. Daarbij is sprake van zeer beperkte groei en beperkte inflatie en periodes van deflatie. Montier zelf heeft een positievere kijk op de economie. “Uitgaande van mijn visie zou het 10-jarig staatspapier van de Verenigde Staten een effectief rendement van 4,4 procent moeten bieden.” Het verschil tussen beide maakt Montier naar eigen zeggen huiverig om te investeren.
Rosenberg, die al enkele malen aangaf in de Verenigde Staten een economisch scenario met periodes van deflatie te verwachten, ziet in de huidige waarderingen op de obligatiemarkten juist geen reden tot onrust. Hij vindt de koersen reëel en verwacht een gestage instroom van geld naar deze markt: “Onder andere door de aanhoudende vraag naar staatspapier door babyboomers die hun pensioen veilig willen onderbrengen.” Montier en Rosenberg dagen ten slotte beiden hun publiek uit zich een oordeel te vormen over de richting van de obligatiemarkten op basis van de verschillende scenario’s.
Deze informatie is met zorg samengesteld door Robeco Institutional Asset Management B.V. (hierna Robeco) en is uitsluitend bedoeld om de lezer te voorzien van informatie over de specifieke capaciteiten van Robeco, maar is geen aanbeveling om bepaalde effecten of beleggingsproducten te kopen of te verkopen. De inhoud is gebaseerd op betrouw baar geachte informatiebronnen. Historische rendementen worden alleen ter illustratie gegeven en zijn als zodanig geen weergave van de verwachtingen van Robeco voor de toekomst. De waarde van uw belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Robeco Institutional Asset Management B.V. (Handelsregister nummer 24123167) is geregistreerd bij de Autoriteit Financiële Markten in Amsterdam.